Historie

Mysterieus verleden
Simpelweg genieten van stinzenflora is niet zo moeilijk, want de kleurrijke bloemenpracht is elk voorjaar opnieuw een lust voor het oog. Toch roept het bijzondere jaarlijkse schouwspel ook vragen op: want waar komen die bekoorlijke planten eigenlijk vandaan en waarom komen we ze voornamelijk tegen bij stinzen, states, buitenplaatsen, oude boerenhoeven, kloostertuinen en andere historische, schaduwrijke plekken?

Romantisch
Het verleden van stinzenflora mag best een beetje mysterieus worden genoemd. Van oorsprong komen de meeste soorten die we in Friesland aantreffen uit het zuiden en midden van Europa en sommigen zelfs uit Japan en Noord-Amerika. Over de immigratie van de planten doen de mooiste verhalen de ronde, bijvoorbeeld dat de zaden, knollen en bollen door kruisridders werden meegenomen naar hun kastelen en buitenhuizen. Dat klinkt heel romantisch en avontuurlijk, maar uit onderzoek blijkt dat stinzenflora onmogelijk op die manier in Friesland terecht kan zijn gekomen.

Als we de boeken er op naslaan, blijkt het zeer aannemelijk dat de eerste stinzenplanten al in de vijftiende eeuw vanuit de zuidelijke streken werden meegenomen door ontdekkingsreizigers en rondreizende edelen en handelslieden. In de zestiende eeuw nam de komst van deze sierplanten toe, maar het kweken ervan bleef waarschijnlijk beperkt tot tuinen van deskundigen en liefhebbers. Pas laat in de achttiende eeuw kwam de verwildering van de stinzenplanten op gang, maar omdat stinzenflora alleen gedijt bij een specifiek milieu (lees meer bij Stinzenmilieu) bleef de verspreiding beperkt tot stinzen, states en andere lommerrijke plekjes met historie.

Statussymbool
De stinzenplanten kwamen begin negentiende eeuw in opkomst bij de rijke adel door de introductie van de Engelse landschapsstijl. Strakke, rechte tuinen waren niet meer populair, de vormen moesten juist rond en weelderig zijn. Ook de tuinen van de Friese adel kregen slingerende paden, waterpartijen, ophogingen en een meer afwisselende beplanting. De kleurrijke stinzenflora paste daar uitstekend bij. Vooral de buitenplaatsen van welgestelde stedelingen stonden vol met allerlei soorten stinzenplanten, als een natuurlijk statussymbool. De uitheemse planten bleken zich op beschutte plaatsen bij stinzen en states uitstekend te handhaven. Zelfs op plaatsen waar de historische bouwwerken allang verdwenen zijn, zorgt stinzenflora nog elk jaar voor een vroeg voorjaarsfeest.

Hoe het tot in detail zit met de komst en de verspreiding van stinzenflora zullen we nooit weten, want er staat weinig op schrift als het gaat over de historie van planten, struiken en bomen. Maar juist die raadselachtige geschiedenis maakt de schitterende plantjes nog aantrekkelijker. Door de nauwe relatie tussen historische bebouwing, het noodzakelijke stinzenmilieu en de planten zelf, is stinzenflora een unieke combinatie van natuur en cultuurhistorie. Alleen al daarom zijn ze de moeite van het behouden waard!